Terug naar het menu


Trudy heeft het beredruk zoals zijzelf zegt. De teksten voor het Buurttoneel leren moet een beetje tussen de bedrijven door
Trudy het kattenvrouwtje stelt en verlegt haar grenzen.

Wie kent haar niet, het kattenvrouwtje van het Buitenrustpad. Eigenlijk heet zij Geertruida maar de meesten van ons zullen haar kennen als Trudy of inderdaad het kattenvrouwtje.

Bij binnenkomst stelt Trudy een aantal van haar katten voor en ik leer dat Woutje hier sinds een jaar komt, in de gang slaapt en nauwelijks of niet in de huiskamer verschijnt en bang voor mensen is. Verder is er nog Floor, de kat met suikerziekte die Trudy een paar keer per dag moet spuiten. Volgens haar valt het erg mee omdat Floor de meest makkelijke kat is waar je alles mee kunt doen. Het vervelende is dat er één keer per maand om het uur bloed uit zijn oortje genomen moet worden om te zien hoe de suikercurve is. Trudy vindt het vervelend omdat het belastend is voor de kat en niet zo zeer voor zichzelf.

Opnieuw komt er een nieuwsgierige poes langs en Trudy vertelt dat zij bij deze iets heeft gedaan wat zij nooit eerder had gedaan. De poes had een nierbekkenontsteking en moest vocht toegediend krijgen omdat zijzelf niet at of dronk. Trudy legt uit dat je dat normaal gesproken met spuitjes doet maar omdat het nu om grote hoeveelheden zou gaan was het eigenlijk onbegonnen werk. Twintig spuitjes in haar bekje was echt te veel zegt Trudy. In overleg met haar dierenarts heeft zij toen zelf een infuus aangelegd en na drie keer vocht toedienen begon de poes zelf weer te drinken. De week daarna was het al weer een lekkere totebel vertelt Trudy.

Op mijn vraag hoeveel katten Trudy eigenlijk heeft antwoordt zij, ik heb geen katten, de katten hebben mij. Ik leef samen met 11 katten. Je hebt een hond en voor katten mag je zorgen.'

Hoewel Trudy bij het buurttoneel zichzelf speelt blijven de katten thuis. De enige kat in het stuk zal de bekpop zijn van poppenspeelster Trinette. En we praten over de katten vertelt Trudy maar mee op tournee gaan ze niet. Dat is veel te moeilijk met katten volgens Trudy. Ze zijn ook niet getraind, zegt zij en daarom neem ik ze niet mee. Ik heb maar één kat waarmee dat had gekund en die is nu zo doof als een kwartel dus dat kan ik nu ook niet meer met hem doen. Maar Hummel zou het echt leuk hebben gevonden want die heb ik ook al eens aan de lijn meegenomen naar de dierenwinkel in de Rijnstraat toen ik een jaar lang Technical had gewonnen. Hij dartelde daar lekker rond en vond het prima. Wanneer hij in de auto gaat maakt hij hele rare geluiden.

Trudy doet voor welk geluid Hummel dan maakt en het klinkt als woehoehoe.

Vroeger is hij eens mee geweest in een taxi, zegt Trudy en toen zei de bestuurder: mevrouw, die kat praat, die roept om zijn moeder... hoe kan dat?

En ze vertelt dat ze op BBC ook een rode kat heeft gezien die precies hetzelfde deed.

Het buurttoneel moet het dus met Trudy alleen doen en dan ook alleen als Trudy zelf. Zij vertelt dat zij de makers heeft gezegd: ik wil alleen mijzelf spelen, anders doe ik het niet. Eigenlijk vind ik toneelspelen raar, vervolgt Trudy, ik heb het nooit willen doen.

Maar waarom is zij dan nu toch van de partij? Ja, eigenlijk per ongeluk, zegt zij en legt uit hoe het zo gekomen is. Ik hoorde dat er een bijeenkomst gehouden zou worden waar dingen gevraagd zouden worden over winkels uit Amsteldorp. Ik had wel eens verteld aan degenen die naar die bijeenkomst gingen dat er hier (Manenburgstraat) een klein supermarktje was geweest, waar later het klussenteam zat en nu het meditatiecentrum is. Daarnaast dacht ik, het is ook gezellig om mee te gaan. En het was ook leuk en op een bepaald moment vroeg Margriet (regisseuse Buurttoneel) of ik iets over de supermarkt kon vertellen en of zij bij mij langs mocht komen. Ik heb ja gezegd, waarom niet. En toen hebben wij twee uur over de katten zitten praten en niet over het toneel. Het was toen trouwens nog de bedoeling dat er iemand bij de (vroegere) winkels werd neergezet, die iets over die winkel zou vertellen. Nou ja, dat vond ik helemaal niet erg en dat wilde ik eventueel ook wel doen. Maar toen ineens kwamen er geen mensen voor en daarna maar een paar. En toen zat ik met Gonny en Elly... en Trinette en had geen flauw idee wat het zou worden.

In plaats woordvoerster bij een winkel gaat Trudy binnenkort het toneel op. Zij zegt wel grenzenstellerig te zijn waar het gaat om de teksten. Zij verandert wel eens iets in de tekst zodat het beter bij haar past en vooral zichzelf zijn in het stuk.

Trudy vertelt verder dat, toen zij hoorde dat Elly en Trinette, die zij graag mag, meededen aan het buurttoneel, zij dacht dat het best leuk kon worden.

Zij zegt , ik dacht, ach waarom niet. Ik doe al zo veel dingen op het moment die ik nog nooit van mijn leven heb gedaan. Ik heb op zang gezeten. Had nog nooit in iemands zijn tuin gewerkt en nu werk ik constant in tuinen, ik heb de opkweektuin en de opkuiltuin. Met de moestuin zijn we nu mee bezig, ik heb pas aardappelen geplant, van die paarse. Ik heb nog nooit mensen wekelijks bezocht. Het is voor mij eigenlijk doodeng. In zo'n vreselijk strak keurslijf daar ben ik niet zo heel goed in maar ik heb zulke schatten van mensen. Ik bezoek 3 mensen, dinsdag 's middags en dinsdagavond en donderdagmiddag. Woensdagmiddag wilde ik een beetje vrij houden of ik ging wat langer door in de tuin of ik was uitgeput van het tuinieren. Maar goed, omdat ik nu op donderdag ook toneel heb moet het buurtgesprek wel op woensdag.'

Er moest dus flink geschoven worden in de agenda van Trudy want naast alle vrijwilligerstaken gaat zij ook nog naar de koffieochtenden in het Hoeckhuys en doet op vrijdagmiddag daar mee met sjoelen. Trudy heeft het beredruk zoals zijzelf zegt. De teksten voor het Buurttoneel leren moet een beetje tussen de bedrijven door.

Ik heb al jaren niet geleerd en heb er best moeite mee. Wat ik eigenlijk doe is de tekst in stukjes verdelen. Zo kom ik er beter doorheen,zegt Trudy.

's Avonds probeert Trudy nog even de tekst door te nemen maar na het drukke dagprogramma lukt dat eigenlijk niet meer. Het komt vooral op het weekend aan. Als ze het leest weet ze het maar als ze het hoort niet.

Zelf zegt zij: het zit van gezicht in je hoofd maar niet van horen. Dat is vaak het moeilijke, het is een andere manier van opnemen. Ik heb de teksten ook wel uitgetypt voor een deel. Eigenlijk zou ik iemand nodig hebben die de tekst voor mij opleest. Het begin zit er wel aardig in en we hoeven natuurlijk niet woord vast te zijn. Als je maar zorgt dat het einde van jouw tekst een beetje gelijk is zo dat de ander kan reageren. Dat is wel van belang. Als je je eindregels maar kent waarop de ander moet reageren.

In het toneelstuk komt ook Trudy's vroegere thuissituatie ter sprake, in het bijzonder haar vader en ik vraag haar of zij het niet moeilijk vindt om publiekelijk over haar vader te vertellen en wat haar vader er van zou vinden als hij het nog had kunnen meemaken.

"Neuh, helemaal niet", antwoordt Trudy. Dat is hoe het is. Dat is mijn keuze en daar heb ik geen moeite mee. Hij zou er zelf ook geen moeite mee gehad hebben en het volkomen hebben beaamd. Waarschijnlijk had hij het bezopen gevonden.

Mijn vader was een interessante man en een hele goede dierenarts, met praktijk aan huis. Als wij geen praktijk aan huis hadden gehad, had ik een heel andere jeugd gehad in alle opzichten. Nu kwamen er allerlei rare wijven in de praktijk helpen en die zaten achter mijn vader aan. Mijn vader had altijd vrouwen achter zich aan.

Daar tegenover stond haar moeder. Keurig opgevoed, een dominee's dochter uit het hoge noorden zoals Trudy vertelt. Heel naïef, een dame als in de Louis Couperusstijl die haar echtgenoot adoreerde en hem zag als het hoofd van het gezin.

Trudy zegt: "Mijn vader kon daar helemaal niet tegen en schold mijn moeder uit voor stomme trut wanneer zij iets verkeerds zei". Zijn patiënten gingen weg omdat zij geen zin hadden in het gescheld van mijn vader. Mijn vader had nooit moeten trouwen en had nooit kinderen moeten hebben. Hij heeft er zo een rotzooi van gemaakt en heeft ons mede daardoor zo een rot jeugd bezorgd.

Papa was... mijn vader had een soort magnetisme voor vrouwen. Dat heb ik één keer eerder bij iemand gezien. En dat was een Griek in Frankrijk waar ik au-pair ben geweest. Toen ik daar kwam zei de bazin, luister ik weet dat je met mijn man naar bed zult gaan en daar hoef je je niet voor te schamen want ze doen het allemaal. Zelf ben ik er ook ingetrapt. '

Op een afstand kon Trudy wel iets van dat heel aantrekkelijke voelen maar niet zo dat zij er zelf door geraakt werd. Toen haar werkgever tijdens het eten ook nog een stuk uitgekauwd vlees uit zijn mond nam en op tafel legde was ook dat kleine beetje gevoel weg.

Trudy zegt: Toen vond ik het alleen nog maar een walgelijke vent. Ik ben dus niet met hem naar bed gegaan. Hij heeft mij ook later weggewerkt want dat vond hij niets. Deze man ging gericht achter vrouwen aan, mijn vader was niet zo geïnteresseerd in vrouwen. Hij was geïnteresseerd in mensen, het was voor hem niet een belangrijk iets. Wilde zo'n vrouw, nou dan deed hij dat wel even... dan was hij er van af.

Toen ik op mijn 24e uit Frankrijk terug kwam bij mijn arts zei hij, Ik wil je iets laten zien.' Mijn eerste bezoeken aan hem waren rond mijn 17e en toen had hij genoteerd dat ik zeer waarschijnlijk voor mijn 23e in een psychiatrische inrichting zou belanden door de gigantische puinhoop thuis. Verder zei hij, Je bent een stuk taaier dan ik had gedacht.

Later toen Trudy op zichzelf was en haar eigen geld verdiende ging het beter tussen haar en haar vader en kon ze het goed met hem vinden.

"Hij was toen mijn vader niet meer, maar een kennis", zegt Trudy en ik kon zeggen: "Pa, rot op je wordt vervelend."

Ze legt uit dat je niet op hem moest hoeven rekenen want je kon nooit op hem rekenen. Hij was een hele slechte vader en echtgenoot volgens Trudy maar ook een heel interessant mens en een goede chirurg. Hij was de eerste dierenarts bij de oprichting van Stichting A.A.P. en heeft als dierenarts dieren van Artis, circussen, maneges en Schiphol behandeld. Ook de Heinekenpaarden waren bij hem onder behandeling.

Al zeer jong kwam Trudy in aanraking met dieren. Al toen zij een baby was legde haar vader een kat in haar wieg terwijl veel mensen in die tijd juist hun kat de deur uit deden als er een baby op komst was. Haar vader geloofde daar niet in, hij vond het nonsens. Toen Trudy ouder was, hielp zij mee in de praktijk van haar vader en mocht de katten uit de hokken naar de behandelkamer brengen. Trudy vertelt dat haar vader haar de katten liet pakken, omdat deze bij haar het rustigst waren en omdat als zij gekrabd zou worden het minder erg was. Zij kon desnoods een paar dagen thuis zijn en hij moest de praktijk draaiende houden. Haar vader was heel nuchter aldus Trudy. Vervolgens geeft zij aan dat zij eigenlijk ook wel een beetje op haar vader lijkt wat nuchterheid en seks betreft bijvoorbeeld. Ooit is zij getrouwd met een Marokkaanse man en toen hij aangaf naar Marokko te willen heeft zij gezegd dat dat prima was zolang hij er maar voor zorgde dat hij niet ziek werd en het haar zou zeggen als hij met een ander naar bed was geweest zodat zij dat niet van een derde zou horen.

Trudy zegt: Als het alleen seks is vind ik het niet belangrijk. Het is alsof je even naar een andere wc gaat, dat is toch niet erg. Alleen seks, wat is daar nou zo belangrijk aan? Als hij verliefd zou worden dan is het een andere zaak.

Ondertussen zijn een paar katten op schoot en tegen ons aangekropen en praten we verder over de voorbereiding van het toneelstuk. Niet alleen het zelf repeteren maar ook het kijken naar andere toneelstukken van Buurttoneel maakte deel uit van de voorbereiding.

Zo zijn de spelers met de regisseuse o.a. een stuk gaan bekijken van drie allochtone meisjes en hun problemen in het dagelijks leven en dat was volgens Trudy een erg goed stuk.

Toen ik het zag, dacht ik 'wow', zegt Trudy, Fantastisch, heel boeiend als je mensen ook iets mee kunt geven.

Zelf vindt ze het nog steeds krankzinnig, dat toneelspelen. Ze geeft aan dat zij nooit een theater- of filmmens is geweest. Ze kijkt tv en vindt series als Law and order en C.S.I. leuk. Verder kijkt Trudy graag naar SF en tekenfilms zoals Tiny Planets. Scooby Doo is ook één van haar favorieten en ik begrijp dat er inmiddels drie verschillende versies zijn waarvan Trudy de verschillen uitlegt.

De laatste film die Trudy in de bioscoop heeft gezien was In de ban van de ring, gemaakt naar één van de allermooiste boeken volgens Trudy. Ze vond het ook heel goed gedaan maar miste in de film een aantal leuke stukken uit het boek.

Maar ik kijk liever thuis, in de bioscoop is het allemaal zo overweldigend en thuis zoveel rustiger, zegt Trudy.

Trudy legt uit dat zij nooit dat 'theaterige' heeft gehad zoals zij dat noemt. Ook nu als speelster van Mag 't een onsje meer zijn, weet ze niet goed wat ze er van vindt. Ze begrijpt ook niet goed wat er zo interessant zou moeten zijn aan haar dat anderen daarvoor naar de voorstelling zouden komen. Ik snap niet waarom ze mij leuk zouden vinden dat vind ik altijd heel moeilijk. Ja voor, de andere spelers wel, bijvoorbeeld Trinette en Elly samen daarbij lig je dubbel...maar zijzelf?

wordt vervolgd

Geïnterviewde heeft laten weten het niet volledig eens te zijn met bovenstaande interview. De redactie van Amsteldorp Actief biedt de mogelijkheid om feitelijke onjuistheden te wijzigen. Van dit aanbod is nog geen gebruik gemaakt.

Senna, april 2012